Column: als het een verslaving is, is Silicon Valley het drugslab
“Hoe moet ik anders wakker worden? Met een wekker? Die telefoon ís een wekker. En in die wekker zit ook Twitter ja. Zoals in jouw wekker Facebook zit”. Er zijn ochtenden die zo beginnen, bij ons thuis. Ik verzucht bovenstaande dan tegen mw. Wollaars. In minder fraaie volzinnen overigens, dezelfde taal waarin ook zij op dat tijdstip heel goed kan terugcommuniceren. Wakker worden en je telefoon induiken om te kijken wat je gemist hebt: er zijn verslavingsklinieken die adverteren met een behandelplan.

Als het een verslaving is, dan is Silicon Valley het drugslab. En zoals een goeie dealer niet aan z’n eigen spul zit, zo is het daar steeds hipper om onbereikbaar te zijn. Koppels houden er “geen gadgets in de slaapkamer”-regels op na. Wie met vrienden gaat eten legt alle telefoons op een grote stapel en wie als eerste in de verleiding komt betaalt de rekening (hier ook gespot). Verder gaan er dekkingskaarten rond waarop je kan zien waar je telefoon het niet meer doet (hipsters uit 020 trekken naar de Zandvoortse Zwaneplas tip ik u alvast).
Hier zie je steeds meer mensen - al dan niet opzichtig - stoppen met Twitter. Johan Fretz, Bert Brussen, Chris Klomp, Jan Bennink. Niet omdat dat hip is, maar omdat Twitter vervelend, verslavend en afleidend is. Het haalt niet het beste in je naar boven: een lekkere fittie is zo gemaakt of gevonden. En mensen met meningen worden vaak fel afgefakkeld - soms bedreigd. Bennink noemde stoppen “een zegen voor mijn gezin”. Hij gaf het wachtwoord voor zijn account @superjan aan z’n zwager, zoals anderen bepaalde telefoonnummers wissen om niet in de verleiding te komen.
Dat die verleiding groot is bewijzen mannen als Bert Brussen, Chris Klomp en Jan Bennink. Daar zijn ze weer. Allemaal gingen ze weg, maar kwamen ook weer terug. Hoewel Brussen nu weer definitief gestopt zegt te zijn met de woorden: “Ik wil rust. DOEI!”. Het is misschien Heintje Davids 2.0, maar als je een weekje meeleest wat mannen als Brussen online veroorzaken én over zich heenkrijgen dan begrijp ik die frustratie wel. Pagina’s worden volgeschreven over online ruzietjes, (vermeende) bedreigingen en persoonsverwisselingen. Het gaat nergens écht over, maar je gaat er zo in op.

Jan Bennink probeert het anders. Bekend geworden als anonieme reaguurder op GeenStijl bouwde hij een virtuele persoonlijkheid die mensen keihard aanpakte. Hij nam “cold turkey en definitief afscheid” van “het stripfiguur” @superjan en is nu terug als zichzelf. Naar eigen zeggen. Minder fel, niet op zoek naar ruzie of twitteroorlogjes. Benieuwd of dat het medicijn is tegen deze verslaving. Want dat blijft het. Bennink miste het nieuws, en mensen als Wouke van Scherrenburg. Ik begrijp dat. En precies dat weerhoudt mij er van om zelf te stoppen. Want de ochtend dat de wekker gaat en ik moet vertellen dat ik weer begonnen ben omdat ook ik Wouke mis, is een ochtend vol #regen #drup.



Over dit zogenoemde Pulse Platform gaat het nu. Het systeem was ook in de running om op 30 april ingezet te gaan worden. Een prestigieuze opdracht, maar het ging mis. De gesprekken liepen stuk en dus besloot de politie zelf maar een druktemeter te gaan maken. Dat lukte, de 30 Appril App werd gepresenteerd en wat er vervolgens gebeurde had niemand verwacht. KPN belde de 6-hoek en gaf het dringende advies om de net gepresenteerde druktemeter-functie uit te zetten. Volgens de provider zou de door de politie gemaakte App het netwerk zo zwaar kunnen belasten dat 112 onbereikbaar zou kunnen worden.